← Alle vragen

Hoe zeg ik mijn huurcontract op, en wat is de opzegtermijn?

HousingWetgeving gecontroleerd op Also available in English

Als huurder zegt u uw huurcontract op met een termijn die gelijk is aan de betaaltermijn van de huur: betaalt u per maand, dan is dat één maand. U hoeft geen reden te geven. Een verhuurder heeft het veel moeilijker: minstens drie maanden opzegtermijn, een wettelijke opzeggingsgrond, en zonder uw instemming eindigt de huur pas als de rechter dat beslist. Hieronder de regels, een voorbeeldbrief en de valkuilen.

Opzeggen als huurder

Termijn. De opzegtermijn voor de huurder is gelijk aan de termijn waarover de huur wordt betaald, met een minimum van één maand en een maximum van drie maanden (artikel 7:271 lid 5 onder a BW). Bij maandhuur dus één maand. Een contract dat een langere termijn voor de huurder voorschrijft, geldt op dat punt niet: van deze regel mag niet ten nadele van de huurder worden afgeweken (artikel 7:271 BW).

Vorm. De wet vraagt opzegging per aangetekende brief of deurwaardersexploot (artikel 7:271 lid 3 BW). Een e-mail die de verhuurder schriftelijk bevestigt, werkt in de praktijk ook, maar bij een verhuurder die niet reageert, hebt u zonder aangetekende brief geen bewijs. Stuur daarom aangetekend én per e-mail.

Geen reden nodig. Als huurder hoeft u niet te zeggen waarom u opzegt.

Tegen welke dag. Tenzij anders afgesproken, zegt u op tegen een dag waarop de huur betaald moet worden, meestal de eerste van de maand. Zegt u op 10 maart op met een termijn van een maand, dan eindigt de huur op 30 april.

Voorbeeldbrief opzegging door de huurder

Aangetekend

[Naam verhuurder] [Adres]

[Plaats], [datum]

Betreft: opzegging huurovereenkomst [adres woning]

Geachte heer/mevrouw [naam],

Hierbij zeg ik de huurovereenkomst voor de woning aan [adres] op, met inachtneming van de opzegtermijn van één maand, tegen [datum einde huur].

Ik verzoek u mij de ontvangst van deze opzegging schriftelijk te bevestigen en een afspraak voor te stellen voor de eindinspectie en de sleuteloverdracht. De waarborgsom van € [bedrag] ontvang ik graag binnen de wettelijke termijn terug op rekeningnummer [IBAN].

Met vriendelijke groet,

[Naam huurder] [Adres, e-mail, telefoon]

Over de terugbetaling van de borg en de eindinspectie leest u meer in Hoe krijg ik mijn borg terug?.

Opzeggen als verhuurder

Termijn. Minstens drie maanden, plus één maand voor elk jaar dat de huurder er woont, tot maximaal zes maanden (artikel 7:271 lid 5 onder b BW).

Grond. De opzegging moet de reden noemen (artikel 7:271 lid 4 BW) en die reden moet een van de wettelijke opzeggingsgronden zijn (artikel 7:274 BW): de huurder gedraagt zich niet als goed huurder, de verhuurder heeft de woning dringend nodig voor eigen gebruik, de huurder weigert een redelijk nieuw huurvoorstel, de verhuurder wil een bestemmingsplan verwezenlijken, of het ging om een tussenhuur die als zodanig was afgesproken. "Ik wil verkopen" of "ik wil meer huur vragen" staan niet in die lijst.

De huur eindigt niet door de opzegging alleen. Stemt de huurder niet binnen zes weken schriftelijk in, dan loopt de huur gewoon door totdat de rechter onherroepelijk heeft beslist dat zij eindigt (artikel 7:272 BW). De verhuurder moet daarvoor zelf naar de kantonrechter. Als huurder hoeft u dus niets te doen met een opzegging waar u het niet mee eens bent, behalve niet instemmen en de huur blijven betalen.

Tijdelijk contract

Sinds 1 juli 2024 zijn tijdelijke huurcontracten voor woonruimte alleen nog in uitzonderingsgevallen toegestaan; een nieuw contract is in beginsel voor onbepaalde tijd. Loopt uw contract nog onder de oude regels, dan eindigt het op de einddatum alleen als de verhuurder u dat tijdig schriftelijk heeft aangezegd. Hoe dat zit, staat in Is mijn tijdelijke huurcontract nog geldig?. Als huurder kunt u een tijdelijk contract wél tussentijds opzeggen, met de gewone termijn van één maand (artikel 7:271 lid 1 BW).

Kamer bij een hospita, onderhuur, medehuurder

  • Hospitaverhuur: in de eerste negen maanden kan de hospita opzeggen zonder wettelijke grond (artikel 7:232 lid 3 BW); daarna gelden de gewone regels.
  • Onderhuur: zegt de hoofdhuurder op, dan wordt de onderhuurder van zelfstandige woonruimte huurder van de eigenaar (artikel 7:269 lid 1 BW). Een onderhuurder van een kamer in de woning heeft die bescherming niet.
  • Medehuurder: zegt één van de huurders op, dan loopt de huur voor de ander door. De echtgenoot of geregistreerde partner van de huurder is van rechtswege medehuurder (artikel 7:266 lid 1 BW).

Wat te doen

  • Huurder: zeg aangetekend op, tegen de eerste van de maand, met één maand termijn bij maandhuur. Vraag om een schriftelijke bevestiging en een eindinspectie.
  • Verhuurder zegt u op: stem niet in, blijf betalen en controleer of de brief een wettelijke grond noemt. Zonder uitspraak van de rechter hoeft u niet weg.
  • Leg de staat van de woning bij vertrek vast met foto's, zodat de borg niet in discussie komt.

Dit is algemene juridische informatie over Nederlands recht, onderzocht en onderbouwd door de agents van Savion. Het is geen juridisch advies en houdt geen rekening met de feiten van een individueel geval. Raadpleeg voor een beslissing die u raakt een advocaat.