Concurrentiebeding in beëindigingsovereenkomst: wanneer mag het, wanneer niet en wat als mijn nieuwe baan wordt geblokkeerd?
Een vaststellingsovereenkomst herhaalt vaak het concurrentiebeding uit je arbeidsovereenkomst, of zet een nieuwe versie erin. Tekenen is dan opnieuw instemmen. Dat hoeft niet.
Mag mijn werkgever zomaar een concurrentiebeding opnemen?
Opnemen in het concept mag. Afdwingbaar is iets anders. Een nieuw beding in de VSO is een nieuwe beperking ná het einde van de baan; je kunt het weigeren, inperken of tegen een vergoeding laten staan. Een slordige finale kwijting kan een latere vordering lastiger maken — daarom het beding vóór tekenen schrappen of inperken.
Art. 7:653 BW stelt de eisen. Hetzelfde regime geldt voor een relatiebeding. “Je mag geen klanten meenemen” is vaak verdedigbaar; “je mag nergens in de branche werken” zelden, zeker als de werkgever het ontslag initieert.
Lid 4: de werkgever kan aan een concurrentiebeding geen rechten ontlenen als het eindigen het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Lid 5: de kantonrechter kan een beding geheel of gedeeltelijk vernietigen als de werknemer daardoor onbillijk wordt benadeeld.
Het blokkeert mijn nieuwe baan — welke stappen?
- Teken niet. Zeg schriftelijk dat het beding eruit moet, of tot een regio/duur/functie wordt ingeperkt die de nieuwe baan vrijlaat.
- Bied een ruil: het beding blijft, de werkgever betaalt een vergoeding voor de maanden dat het geldt; of alleen een relatiebeding blijft.
- Staat het beding er nog in en heb je al getekend: herroep binnen 14 of 21 dagen.
- Laat de VSO beoordelen met het beding als eerste vraag.
Na ondertekening alsnog aanvechten?
Eerst de bedenktijd. Daarna blijft toetsing aan art. 7:653 lid 4–5 BW open, en dwaling of dwang is een aparte route (art. 6:228 BW, art. 3:44 BW). Hoe langer je wacht terwijl de nieuwe baan stilligt, hoe duurder het wordt — handel binnen de herroepingstermijn.